Vragen en opmerkingen commissiestukken maart-april 2020

Posted by Jan Boot |10 apr 20 | 0 comments

CURSIEF: Antwoord B&W

1. Raadsvoorstel Grondprijzen 2020 (R&E)
-Welke gronden worden in 2020 verkocht? Welke verwachting is er, anders dan Maaikant? (VPB)
Het betreft alleen nog uit te geven gronden voor de grondexploitatie “Maaikant 2e fase”. Het is de verwachting dat we 3.658 m2 grond verkopen in 2020. Waarvan tot dusver reeds 1.867 m2 is gerealiseerd (3 kavels).

-Bij afwijkingen op grondprijsbeleid wordt gesteld : Een eenduidige grondprijs bepalen voor alle denkbare locaties en bestemmingen is niet mogelijk. De grondprijs wordt dan ook bepaald op basis van de functies, omstandigheden en ligging. Wat is dan nu het nut van grondprijzen vast stellen? Kunnen we niet beter per plan een afweging maken? (VPB)
Voor specifieke locaties kan sprak zijn van maatwerk bij het vaststellen van de grondprijs (in relatie tot functies, omstandigheden en ligging). Op basis van dit onderdeel in de notitie grondprijzen kan het college van B&W dus afwijken van de grondprijzenbrief.
Een afweging maken per plan zou het voorliggende advies niet veranderen.

-In het bijlage rapport staat dat BENG 1 juli 2020 ingaat. Dit is fout, dat is verschoven naar 1 januari 2021. Het lijkt ons verstandig dit aan te passen. (VPB)
Correct, in januari heeft de minister besloten de ingangsdatum voor de BENG te verleggen van 1 juli 2020 naar 1 januari 2021. We zullen dit aanpassen.

-In paragraaf 2.4 staat dat het college zelf mag afwijken van een door de raad vastgestelde notitie. Wanneer het college dit van plan is of heeft gedaan, vind ik dat minimaal de raad hiervan op de hoogte wordt gesteld. Voor U-bouw en maatschappelijke bouw is de bevoegdheid al volledig bij het college gelegd. Juist voor woningbouw is de waarde van het vaststellen van dit voorstel anders niets waard toch? (VPB)
Uiteraard wordt de raad hierover geïnformeerd.

-Waarom 4 %? Er zit van allerlei onderbouwing bij waarin staat van 0 tot 10% stijging en alles zou gerechtvaardigd zijn met deze opsomming van argumenten. Waarom kiest u nu zelf 4%? (VPB)
Resultaat van afweging waarbij alle factoren (economische ontwikkelingen, backtesting, marktanalyse, benchmarking en referentiecijfers (afgezet tegen de eigen (woon)visie) worden meegewogen. Of er uiteindelijk wordt gekozen voor bijvoorbeeld 3%, 4% of 5% is een politieke afweging.

-Gezien de woningnood en vraag voor starters, aangepaste (senioren)woningen en middenklasse huur, hier zou ik graag van het college en andere raadsleden willen weten hoe zijn staat tegenover gedifferentieerde stijging? (al is deze vraag pas relevant als we ook iets aan te bieden hebben aan gronden, zie vraag 1). Dit om zo, als raad, te kunnen sturen met de knoppen die we hebben. Dus minder stijging voor de woningen die we willen stimuleren. Dus bijvoorbeeld 2% voor rijtjes en hoekwoningen(aansluiten bij feitelijke inflatie juist van lagere inkomens) en 4% voor 2 onder 1 kap en vrijstaand? (VPB)
Zie eerdere antwoorden voor meer informatie over de fasering.
Onderzoek naar de grondprijzen wijst uit dat ook voor deze woningtypen (kleinere kavels) een grondprijsverhoging op z’n plaats is (juist gezien de aanhoudende schaarste op de woningmarkt). Een gedifferentieerde stijging is uiteraard mogelijk, hiervoor is niet gekozen.

2. Raadsvoorstel Kredietaanvraag reconstructie 5 straten (R&E)
-Wat is de reden van het terug instellen/uitbreiden van de blauwe zone Cor vd Bokstraat? Waar komt deze urgentie vandaan? Diverse bewoners worden daardoor benadeeld. Tevens is de vraag wat op dit moment, de afgelopen 1,5 jaar, aan handhaving is geweest. Je kunt enkel blauwe zones instellen bij voldoende handhaving. Reden bijv. voor de gemeente Tilburg om juist af te bouwen in blauwe zones. Bijgevoegd foto’s van 1 week. Dit als bijlage bij de vraag waarom uitbreiding noodzakelijk is? Ps. de foto’s van ma 9 maart t/m 15-03 dus vóór de Corona crisis (VPB)
Het terug instellen van de blauwe zone gebeurt op uitdrukkelijk verzoek van de bewoners die net buiten de blauwe zone wonen. Zij hebben veel overlast van langparkeerders.
Er vindt signaal gestuurde controle plaats op gebruik van de blauwe zones. Deze keuze wordt gemaakt op basis van beschikbare capaciteit en prioritering.

-U stelt dat burgerparticipatie proces een compliment heeft gekregen van de bewoners. Voor ons beeld, is daar dus een brede consensus, of leven er nog variatie in reacties op het plan? (VPB)
Er is zeker sprake van een algemeen gedragen plan.

-Waarom laad/losplaats voor jumbo op openbare weg? betaalt Jumbo mee aan de weg? (VPB)
De laad/losplaats van de Jumbo is verplaatst tot tegen de gevel van de Jumbo. Daarmee is de overlast van lossende vrachtwagen, die dwars over de weg stonden, voorbij. Bewoners zijn blij met deze oplossing. De Jumbo betaald niet mee. Dat is ook bij andere losplaatsen niet het geval.

-Gezien de vele overlast in onze gemeente op diverse oudere straten van wortelopdruk. Is het niet verstandig deze standaard te voorzien van bijvoorbeeld wortelgeleidingspanelen of andersoortige oplossingen om toekomstige problemen te voorkomen? (VPB)
Er wordt bij alle bomen een groeiplaatsverbetering toegepast. Wortels groeien daardoor dieper de ondergrond in (en dus niet oppervlakkig).

-Is het nu zo dat de Maczecklaan, t.b.v. dit riool, nu al binnenkort openmoet, en dan later in de tijd nogmaals als deze straat zelf aan de beurt is? Of wordt tijdelijk aangesloten op Maczecklaan en pas bij reconstructie daar doorgetrokken naar bels lijntje? (VPB)
Er wordt tijdelijk aangesloten op de Gen. Maczeklaan. De aanleg van het infiltratieriool in de Gen. Maczeklaan gebeurt gelijktijdig met de reconstructie van de weg.

3. Raadsvoorstel Beleidsvisie sociaal domein ‘Baarle BRUIST! Met elkaar, voor elkaar! (M&M)
MET DEBAT (VPB)
Algemeen. De commissie is eerder vooral betrokken geweest bij het proces en is minder met de inhoud aan de gang geweest. Daarom treft u toch ook aantal inhoudelijke vragen of opmerkingen aan. Dit stuk met debat naar de raad. Het college stelt dat oude visie onvoldoende antwoord heeft. Dat is te begrijpen. Die visie was van net voor en in de beginperiode van de decentralisatie. Goed om te herijken. Op zich staan er in de visie geen rare zaken. Alles is in lijn met de landelijke en regionale ontwikkelingen. De VPB zou echter de VPB niet zijn als we wel een paar dingen opmerkelijk vinden en u daar wat vragen voor willen stellen of opmerkingen maken. (VPB)

-U stelt: -We hebben ondervonden dat ‘eigen kracht’ niet voor alle inwoners haalbaar is en dat een ‘sterke sociale basis’ niet vanzelf ontstaat. – Inwoners doen in toenemende mate een beroep op hulp en ondersteuning van de gemeente. De uitgaven hiervoor stijgen. – De manier waarop we hulp en ondersteuning hebben georganiseerd sluit niet goed aan bij de leefwereld van onze inwoners. We werken nog vaak te afstandelijk, te bureaucratisch en te versnipperd. Hoe biedt de nieuwe visie wel antwoord op deze constateringen? Waar biedt dit andere antwoorden dan de oude visie? Of is dit veel meer iets van de uitvoeringsagenda? (VPB)
De opgave waar we in het sociaal domein voorstaan is niet helemaal nieuw, wel aangescherpt. De visie geeft aan hoe we daar op een andere manier naar kijken en op een andere manier mee aan de slag gaan. In de beschreven oplossingen wordt hierin op hoofdlijnen de koers bepaald. Deze worden geconcretiseerd in de uitvoeringsagenda.

-Dit college presenteert eigenlijk 2 ambities: 1. onze inwoners kunnen mee (blijven) doen en daar een uitwerking van in 5 speerpunten. 2. De kostenstijging neemt af. De 2e ambitie vinden wij opmerkelijk als visie. Behoort een ambitie en visie niet te gaan over de inhoud en zijn de financiën dan niet een kader, een uitgangspunt, een randvoorwaarde? U stelt op dit vlak ook dat het aantal mensen dat gebruik zal moeten maken van de mogelijkheden gaat stijgen. Het is niet duidelijk op welke manier de stijging dan tegengegaan zal kunnen worden. De visie op zorg en welzijn gaat nu dus over geld? (VPB)
De visie gaat over de inhoudelijk koers in het sociaal domein. Daarnaast geven we ook aan hoe we de ambities met de beschikbare middelen willen realiseren.

-Wij missen bij de ambitie een ambitie op kwaliteit van geleverde zorg danwel ontvangen dienstverlening. Dus de klant tevredenheid over geleverde hulp en ondersteuning. Dat is maatschappelijke waarde. (VPB)
In hoofdstuk 6 worden de oplossingsrichtingen beschreven op gebied van passende hulp en ondersteuning.
In bijlage 4 (concept kpi boom) kunt u lezen hoe we daarbij sturen op de ervaringen van onze inwoners.

-We zien regelmatig de term van dure zorg. De nadruk wordt gelegd op signaleren. Dit lijkt om een tegenstelling te gaan t.a.v. ambitie 2. Als we eerder signaleren zullen we toch eerder dure zorg moeten inzetten om te voorkomen dat problematiek gaat escaleren?
• In het algemeen is het de vraag of de term dure zorg wel een goede term is. Is het niet zo dat vaak specialistische zorg nodig is en dat specialisme kosten met zich meebrengt? Is het dan dure zorg of specialistische zorg? De terminologie maakt dat de indruk bestaat dat door eerder signaleren en mensen elkaar te laten helpen specialistische zorg niet meer nodig is… soms is kortdurend specialistisch beter voor burgers alsook goedkoper, dan langdurig aanmodderen in eerstelijns hulp. Liever meteen specialistische zorg inzetten, dat is namelijk geen dure zorg maar noodzakelijke zorg!
• De 2 ambities kunnen een tegenstelling zijn en/of worden van elkaar… waar kiest dit college dan voor en geeft het de ambtenaren de ruimte dan 1 te volgen of is 2 maatgevend?? (VPB)
De twee ambities staan op voorhand niet tegenover elkaar, maar kunnen elkaar juist versterken. In de manier waarop we netwerken versterken en maatwerk bieden komt dat tot uiting.

-We versterken de samenwerking tussen het zorg- en veiligheidsdomein, zodat de veiligheid en de zorg gegarandeerd blijft en wordt afgestemd op elkaar. Zo bieden we passende hulp aan de persoon in kwestie en aan mensen in zijn of haar omgeving. De VPB kan bovenstaande uitgangspunt niet goed rijmen met de keuze om de jeugdhulpverlening in te kopen in de regio Hart van Brabant terwijl het veiligheidsdomein (Veilig Thuis) belegd blijft in de regio WBO. Zoals we al eerder gevraagd hebben vragen we naar uw plan van aanpak om te voorkomen dat hierdoor juist een versnippering ontstaat tussen signalering in het veiligheidsdomein en het oppakken van de zorg in het zorgdomein. WMO en JH zullen nog meer los van elkaar ingezet gaan worden. (VPB)
We beschouwen dit als een statement en geen vraag.
Voor de ontwikkelingen op gebied van regionale samenwerking verwijzen we naar de procesafspraken die we daarover met uw raad gemaakt hebben (Onderzoek regiokeuze)

-U stelt dat burgers betrokken zijn qua burgerparticipatie. Hoe hebben andere gesprekken dan de dorpsgesprekken met groepen bewoners plaats gevonden? De dorpsgesprekken waren minder in opkomst dan vorig jaar. Baarle zelf maar 12 inwoners. Ulicoten 45 van de 1000 en toch wel dezelfde als altijd (idem in Castelre)? De gemiddelde leeftijd was hier hoog. Veel vertegenwoordigers zijn ook actief in andere verenigingen zoals de KBO of andere maatschappelijke initiatieven. (VPB)
De gesprekken zijn breed gevoerd met inwoners, partners extern, afdelingen intern. We hebben inwoners gesproken tijdens de dorpsgesprekken en daarnaast tijdens enkele bijeenkomsten van bepaalde groepen. Ook hebben we tijdens commissievergadering gevraagd of er vanuit de leden van de commissie nog suggesties waren voor partijen/ inwoners(groepen) om te spreken bij de totstandkoming van deze visie.We hebben gekozen om het gesprek met inwoners te agenderen voor de dorpsgesprekken omdat juist daar een bredere groep inwoners op af komt dan enkel inwoners die zich direct betrokken voelen/zijn bij zorg en welzijnsbeleid.

-De jeugd van een leerlingenraad en jeugd gemeenteraad zijn prima om te raadplegen. Maar is er bijvoorbeeld ook gepraat met jeugd en kinderen die meer in de doelgroepen kant zitten, kinderen en jeugd in deze raden is niet perse een afspiegeling van de jeugd die juist de hulp nodig heeft? Al moeten wij aangegeven uw inspanning zeker te waarderen. Wij begrijpen dat het moeilijk is de werkelijke doelgroep te spreken die je zou willen. Maar is hier een poging toe gedaan de diversiteit te vergroten om uit de “standaard-groep” te komen? (VPB)
Het doet ons goed te horen dat u onze inspanningen om juist ook jeugdigen te betrekken bij dit beleid waardeert.
We zijn daarbij van mening dat deze groepen niet zo standaard zijn als we misschien aannemen. We waren erg onder de indruk van de van de niet-standaard verhalen en persoonlijke ervaringen van de kinderen en jongeren die we spraken.
Daarnaast is het zo dat in regionaal verband regelmatig gesprekken plaats vinden met jeugdigen die gebruik maken van jeugdhulp. Deze input nemen we mee, zeker ook in de uitwerking van onze visie en oplossingsrichtingen.

-U stelt in het raadsvoorstel dat harmonisatie met collega’s ABG is verkend. Wat was daarvan de uitkomst? Noemenswaardige verschillen? Of bijstelling op basis van inzichten? (VPB)
Baarle Nassau is voorloper in herijking van de visie op het sociaal domein. De conceptvisie is gedeeld met bestuurders van Alphen-Chaam en Gilze en Rijen. We hebben geconstateerd dat deze kansen biedt voor verdere harmonisatie in de uitvoering.

-Wat is de verwachte impact van wijziging van regio? Of sluit deze visie aan bij beide regio’s? (VPB)
Omdat we de nu de toegang tot jeugd zelf organiseren kunnen we beter aansluiten bij onze lokale situatie. Het maakt ook dat we beter inzicht krijgen en beter kunnen sturen op de jeugdhulp.
De daaraan gekoppelde samenwerking in de regio Hart van Brabant draagt daar verder aan bij.
De regionale koers jeugdhulp Hart van Brabant (‘Samen met de jeugd’) sluit aan bij onze visie.
Met betrekking tot regionale samenwerking in bredere zin verwijzen we weer naar het lopende proces in het kader van het onderzoek regiokeuze.

-U stelt dat vergrijzing een risico is. Maar is dit niet gewoon statistiek/demografie en extrapoleren? Bent u niet, met ons, van mening dat u beter hier het risico van de uitkering vanuit het gemeentefonds i.v.m. herverdeling i.v.m. wmo/jeugd kunt benoemen? (VPB)
De uitkeringen vanuit het rijk vormen per definitie een risico voor onze financiële huishouding. Dat geldt ook voor het sociaal domein.
De herverdeling van de (niet geoormerkte) wmo en jeugd budgetten is inmiddels uitgesteld. Het is onzeker of en in welke mate lokale demografische ontwikkelingen hierin worden meegenomen.

-Een gewetensvraag wellicht. Baols Bakske is prachtig om te zien. Niets dan respect voor vrijwilligers en er genieten zichtbaar veel mensen van. Maar wat biedt het dat werkelijk anders of extra is t.o.v. reeds bestaande en gesubsidieerde seniorenverenigingen groepjes nog niet bieden? (VPB)
Zowel het Baols Bakske als initiatieven van andere organisaties zijn belangrijke voorzieningen voor onze inwoners.

-Ik mis bij ambities $3.1. een belangrijke in sociaal domein. Gezien problematiek vrouw opvang, toenemende polarisatie/discriminatie in de maatschappij en ook de eerder beschreven maatschappelijke tolerantie t.a.v. “anders zijn” zoals bijvoorbeeld mensen met beperking, psychische problematiek maar bijv. andersoortige seksualiteit, dus global goals 5 – gender gelijkheid. Graag deze als Global Goal toevoegen. Verderop staat bij Inclusief vooral focus op mensen met beperking. Inclusiviteit betekent voor de VPB veel meer. Hoe kijkt u hiernaar? (VPB)
We willen bereiken dat iedereen mee kan doen. Daarbij hoort ook dat iedereen mee mag doen.
We benaderen het begrip inclusief daarom vanuit de brede context.

-Op pagina 4 in de inleiding wordt gesproken over ‘dat dope je toch voor elkaar’. Wij veronderstellen dat dit ‘dat doe je toch voor elkaar’ zou moeten zijn. (VPB)
Wordt aangepast.

-Algemeen: Het beleidsstuk is mooi beschreven. De uitgangspunten kunnen niet meer dan onderschreven worden. De concrete vertaling zal vooral de aandacht vragen. Welke keuzes gaan echt gemaakt worden op de scheidslijn tussen de 2 beschreven ambities. Wij moeten als raad kaders stellen. De kaders zijn met deze visie zo algemeen, dit is namelijk echt alleen een visie zonder enkel handelingskader. De financiële kaders maar juist ook de grens tussen de 2 ambities is er een waar de raad nu niets van kan vinden in welke keuzes de politiek nu echt maakt. Het uitgangspunt om kostenstijging proberen tegen te gaan is belangrijk maar ook hierbij blijft het de vraag op welke manier dit dan moet gebeuren. Er wordt veel gesproken over eigen regie, netwerken etc. Anderzijds wordt gesproken over de eenzaamheid die steeds meer aan het licht komt. Dit lijkt een tegenstelling te zijn. Wij hebben vooral behoefte aan een wat concreter plan ofwel uitvoeringsagenda inclusief financiële kaders. Wij zouden graag als commissie M&M en als gemeenteraad deze ook krijgen voordat hij definitief wordt vastgesteld voor uitvoering. Juist zodat eventueel daar toch ook input te geven is. Dit beleidsplan zegt namelijk zo weinig behoudens wat visie punten en zegt eigenlijk niets over hoe? Wij zien dit ook terug bij het ongevraagd advies van de adviesraad sociaal domein. Zeker na een nieuwe visie is dan namelijk pas duidelijk hoe dit college uitvoering gaat geven aan dit beleid. Voor de VPB is dat belangrijke toezegging die wij willen van de wethouder. (VPB)
De uitvoeringsagenda wordt door het college vastgesteld. De financiële vertaling ervan wordt aan u voorgelegd in de reguliere P&C cyclus.
We nemen in overweging om de uitvoeringsagenda te bespreken in de commissie Mens en Maatschappij.

4. Raadsvoorstel LEA Strategische onderwijsagenda Baarle-Nassau (M&M)
-De VPB kan zich in grote lijnen vinden in de strategische onderwijsagenda van Baarle Nassau. Het is goed om te lezen dat er meer aandacht uit zal gaan naar taalachterstand en dat de gemeente zich actiever zal ‘bemoeien’ met het passend onderwijs. In de onderwijsagenda wordt één doelstelling duidelijk aangescherpt/toegevoegd: De gemeente gaat samen met ouders, kinderopvang en onderwijs de kinderen voorbereiden op hun toekomst waarin ze optimaal mee kunnen doen. Dit doen we met het aanleren van de benodigde kennis en vaardigheden in de ontwikkeling naar volwassenheid en verantwoordelijk burgerschap. De school is een plaats waar ouders, kinderen en buurtgenoten elkaar ontmoeten en waar buiten schooltijd gelegenheid is voor activiteiten. Naar onze mening is de sleutel om dit voor elkaar te krijgen de mogelijkheden die worden geboden in de onderwijs-jeugdwet. Hierover wordt geschreven: Doelstelling: Duidelijke scheiding van verantwoordelijkheden LEA strategische onderwijsagenda en OOGO Passend Onderwijs (onderwijs-jeugdwet). Verantwoordelijkheden op het terrein van zorg vanuit onderwijs(passend onderwijs) en vanuit gemeente (jeugd) via verantwoordelijkheden matrix borgen om het grijze gebied zo klein mogelijk te maken en te houden. Overeenstemming over financiering is daarbij de oplossing. Deze overeenstemming partijen borgen en het daadwerkelijk naar handelen is de sleutel voor succes. Wij denken niet dat de overeenstemming in financiering hierbij de sleutel tot een oplossing is. Wij denken wel dat door het grijze gebied zo exact in kaart te brengen, op basis van financiële uitgangspunten juist bijdraagt aan een ‘starheid’ wanneer het gaat om maatwerkmogelijkheden. Wij zijn van mening dat hier, wel meer bewust door het inzicht dat het bestaat, het beter zou zijn om juist hier een grijs gebied te laten bestaan die het mogelijk maakt op individueel niveau te blijven kijken wat mogelijk en noodzakelijk is. Het echte MAATWERK ontstaat daar. Wij pleiten dan ook om meer samenwerkingsmogelijkheden tussen zorg-onderwijs mogelijk te maken in de vorm van onderwijs-zorg arrangementen waarbij de zorg zichtbaar op scholen is en toegankelijk is voor ouders ter advisering en ondersteuning. Hoe kijkt u hier naar? (VPB)
Wat nu vaak aan de hand is bij individuele gevallen, is dat het onduidelijk is waar de financiële verantwoordelijkheid ligt: bij het onderwijs of bij de gemeente (jeugdzorg). Het is dus juist net andersom dan dat u schetst. Daardoor is snel handelen niet mogelijk, waardoor het kind niet centraal komt. Juist om dit te voorkomen moet het grijze gebied kleiner worden om de discussie over betaling niet steeds opnieuw te hebben. Over handelingen in het grijze gebied moet daarom meer duidelijkheid komen, wie is waarvoor verantwoordelijk financieel onderwijs of gemeente? Het ‘echte maatwerk’ staat door het grijze gebied juist onder druk.

5. Raadsvoorstel Legesverordening 2020 (B&M)
ZONDER DEBAT (VPB)

6. Raadsvoorstel Kaderbrief GGD (M&M)
ZONDER DEBAT (VPB)
-Wel een meer technische vraag voor de toekomstige ontwikkeling: Onze vraag blijft bestaan op welke manier de extra impuls voor RUPS zichtbaar is in de gemeente Baarle Nassau. In andere regio’s worden de extra kosten die hiermee gemoeid zijn door de gemeente gedragen en niet door de GGD. Vanaf 2021 zal de financiering voor RUPS zeer waarschijnlijk bij de gemeente Tilburg als centrumgemeente worden belegd en verdeeld worden over de regio Zeeland, West- en Midden-Brabant. Regio West-Brabant heeft hiermee verreweg de grootste financiële mogelijkheden om het uitstapprogramma vorm te geven. Is er zicht op de problematiek, zeker in deze grensregio, van (il)legale prostitutie? Wat is het beleid op prostitutie in deze gemeente? Er is hier samenwerking met onze Belgische collega’s in? Maakt u zich sterk voor de grensregio in deze qua middelen, zeker in het samenwerkingsverband met deze wijziging in aantocht? (VPB)
Inhoudelijk
Het project is bedoeld om prostitués die willen uittreden te helpen om dit daadwerkelijk te realiseren. Het project is ook voor prostitués uit Baarle die zouden willen stoppen. De trajecten duren lang. Die tijd is nodig om een vertrouwensband op te bouwen en vervolgens schulden af te lossen, psychiatrische problemen aan te pakken of verslavingen onder controle te krijgen, voordat een overstap naar ander werk of een andere dagbesteding.
In 2019 hebben tien cliënten het traject succesvol afgerond en een definitieve breuk met het beroep van prostituee gemaakt. Het relatief kleine aantal succesvol afgeronde trajecten in 2019 kan worden verklaard door het grote aantal nieuwe aanmeldingen in 2018. Op deze trajecten is veel inzet gepleegd, maar aangezien trajecten vaak lang duren, zijn die trajecten in 2019 nog niet afgerond. In 24 gevallen is de client (nog) niet uitgestapt, maar hebben de trajectbegeleiders wel een duurzame verbetering in de situatie van de prostituees kunnen bereiken.
De werkzaamheden van de traject-begeleiders bestaan grotendeels uit het begeleiden van cliënten richting een definitieve breuk met het werk van prostituee. Daarnaast doen de
trajectbegeleiders veldwerk, waarbij ze clubs en privéhuizen bezoeken en internetveldwerk doen om sekswer-kers te bereiken, en geven ze voorlich-tingen over RUPS aan bijvoorbeeld
samenwerkingspartners.

Financieel
Realisatie 2019
Baten
Rups II Rijksoverheid € 61.472
Rups III Rijksoverheid € 55.028
Gem bijdrage via GGD € 150.00
Totaal Baten € 266.500

Totaal lasten € 194.802
Positief saldo € 71.698

In de vergadering van het AB van de GGD zal een besluit worden genomen over de besteding van deze middelen.

Op 6 november 2019 heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met een financieel voorstel voor voortzetting van RUPS in onze regio in 2020, met gebruikmaking van de subsidie RUPS III. De periode van RUPS III, die loopt tot eind 2020, zal door het Ministerie van Justitie en Veiligheid worden gebruikt om met alle betrokken partners toe te werken naar een toekomstbestendige en structurele systematiek voor de verdeling van de middelen. Daarbij zullen verschillende typen regelingen worden onderzocht. In afwachting van deze besluitvorming door het Ministerie over structurele financiering en inbedding vanaf 2021 is er, conform het beleid van de afgelopen jaren, weer een bedrag van €150.000 opgenomen in de Beleidsbegroting 2021. Zodra duidelijk is wat de landelijke systematiek wordt voor structurele financiering vanaf 2021, komen we daarop bij u terug.
Voor wat betreft het inzicht in de prostitutie in onze gemeente hebben wij enig inzicht omdat wij als gemeente verantwoordelijk zijn voor het afgeven van vergunningen voor seksbedrijven. Een totaalbeeld is niet voorhanden.
Recentelijk is duidelijk geworden dat er een wettelijke, uniforme vergunningplicht voor alle prostituees en exploitanten van seksbedrijven komt om de seksbranche te reguleren en mensenhandel te bestrijden. Prostituees zonder vergunning zijn in overtreding. Dit geldt ook voor exploitanten die zonder de juiste papieren een seksbedrijf leiden. Daarnaast wordt de klant strafbaar die gebruik maakt van illegale prostitutie.
Afstemming met Baarle-Hertog heeft over dit onderwerp tot op heden niet plaatsgevonden.

7. Raadsvoorstel Kadernota Regionaal Bureau Leerplicht (M&M)
ZONDER DEBAT (VPB)
-Wel willen wij de kanttekening plaatsen dat ook in het licht van deze regeling de overgang naar de inkoop van jeugdhulpverlening in de regio Hart van Brabant extra aandacht verdiend. Daar waar het gaat om schooluitval is vaak sprake van andere problematiek. De leerlingen die in de regio WBO naar school gaan zijn gebaat bij een aanpak in deze regio. De inkoopsystematiek in de regio HvB is hier momenteel niet op gericht. Het zou wenselijk zijn dat de gemeente hier over in gesprek gaat en er zorg voor draagt dat zorg in deze gevallen ook in de regio gegarandeerd is. Heeft de wethouder en of dorpsteams/ambtenaren dit op hun netvlies en bezien zij hiervoor naar maatwerk/oplossing? (VPB)
Uiteraard hebben onderwijs en jeugdhulp een belangrijke verbinding met elkaar. Daarbij is het wel van belang om een onderscheid te maken. Als een jongere op school uitvalt en het blijkt uit onderzoek dat er onderliggende problemen zijn waarvoor jeugdhulp nodig is, dan kan deze ingezet worden, met behulp van de inkoop van jeugdhulp in HvB. Veel aanbieders in HvB werken ook in WBO. Als het gaat om jeugdhulp die nodig is op school, dan zijn er afspraken met het regionaal samenwerkingsverband (RSV Breda) om jeugdhulp op school te kunnen inzetten. Hierbij zijn inkoopafspraken gemaakt met zowel de regio WBO als Hart van Brabant omdat jongeren in de beide regio’s gebruik maken van onderwijs en scholen. Daarnaast kunnen er ook nog situaties zijn waar specifiek maatwerk nodig is, indien blijkt dat een bepaald aanbod ontbreekt. We kunnen dan denken aan PGB inzetten, of de route niet gecontracteerde zorg via Hart van Brabant.

8. Raadsvoorstel Kaderbrief RAV (M&M)
ZONDER DEBAT (VPB)

9. Raadsvoorstel Kaderbrief OMWB (R&E)
ZONDER DEBAT (VPB)
-Wel 1 technische vraag: in jaarplanning duurzaamheid 2020 wordt melding gemaakt dat de OMWB opvolging gaat doen op de informatiemeldplicht energiebesparende maatregelen die bij bedrijven ligt. Nu weten wij dat het jaarplan over 2020 gaat en deze kaderbrief over 2021, maar wij vroegen ons af of de OMWB denkt dit in 2020 volledig af te ronden en hier verder geen werkzaamheden hieraan te hebben in 2021? (VPB)
De bedoeling is dat opvolging dit jaar is afgerond. De Coronacrisis kan leiden tot vertraging.

10. Raadsvoorstel Kadernota Nazorg gesloten stortplaatsen (R&E)
ZONDER DEBAT (VPB)
-Wel hebben wel na aanleiding van, hierover paar technische vragen over de oude stortplaatsen in de directe omgeving van Baarle-Nassau: Kan het college inzicht geven in het beheer, bewaking en de status van de kwaliteit van het grondwater, de dikte en de kwaliteit van de afdeklaag en de kwaliteit van oppervlaktewater in de directe omgeving van de stortplaatsen in Baarle-Nassau (Vogelenzang, Nieuwe Strumptse Baan, Loveren 36, Castelresche heide en Hoogstratensebaan (Zwartven)? Voldoet alles hier nog steeds aan de gestelde waarden? (VPB)
Hierover is een memo bijgevoegd. Deze memo is per abuis niet eerder aangeleverd en dus niet verstuurd aan de raad/commissie.
Hierin staat het volgende beschreven:
De laatst bekende status van kwaliteit grondwater, kwaliteit en dikte afdeklaag en kwaliteit van oppervlaktewater in/op/in omgeving van de voormalige stortplaatsen is te vinden in de NAVOS rapportage uit 2004. In 2004 is het eindrapport van het NAVOS-onderzoek opgeleverd. De provincie is nog steeds het bevoegd gezag voor wat betreft bodem en grondwater. Een eindbeoordeling voor alle Brabantse stortplaatsen is in 2007 gepubliceerd. Algemene conclusie is dat er – op een enkele uitzondering na – geen onaanvaardbare situaties zijn aangetroffen die op korte termijn maatregelen noodzakelijk maken; de meeste stortplaatsen ongevaarlijk zijn voor de mens.
Voor de 5 stortplaatsen binnen de gemeentegrenzen van Baarle-Nassau geldt dat de risico’s voornamelijk zitten in de dikte (of liever gezegd de dunte) van de deklaag en soms ook wel van de kwaliteit van de deklaag. Grondwater is soms direct herleidbaar verontreinigd vanuit de stort, maar het gaat altijd om lichte of matige verontreinigingen waarbij er geen saneringsplicht is.

11. Raadsvoorstel wijziging gemeenschappelijke regeling Nazorg Gesloten Stortplaatsen (B&M)
ZONDER DEBAT (VPB)

12. Raadsvoorstel Kadernota Veiligheidsregio Midden West-Brabant (B&M)
ZONDER DEBAT (VPB)

13. Raadsvoorstel Kaderbrief Regio West-Brabant (B&M)
Zonder debat (VPB)

Ingekomen stukken
• Memo Decembercirculaire gemeentefonds 2019 (B&M)
-Decembercirculaire hierin staan € 237.098 voor klimaatmiddelen die in een bestemmingsreserve gestopt worden. In de jaarplannen duurzaamheidsvisie wordt hierover niets vermeld. (VPB)
In 2019 zijn deze middelen ontvangen t.b.v. de transitievisie warmte, het energieloket en de wijkaanpak. Bij de bestemming van het rekeningresultaat over 2019 stelt het college de raad voor deze middelen toe te voegen aan een bestemmingsreserve. De raad dient hierover dus nog een besluit te nemen.

• Doorverwezen brief: Nachtproductie Theeuwes (R&E)
-Vragen die gesteld zijn in de raad betroffen: Graag toelichting College over proces. Gebruiksvergunning en Milieuvergunning dit zomaar mogelijk? Hoe buurt betrokken? Zijn gezondheidseffecten zoals stank, geluid, hinder in kaart gebracht van deze wijziging. Daghinder is al op de grens qua overlast en leefbaarheid, maar nu ook 24/7? (VPB)
Proces.
De aanvraag is van november 2019. Het geurrapport is inmiddels 5x aangevuld / gecorrigeerd op advies van de OMWB (geurspecialist).
De conceptvergunning – milieu is gereed. De ABG / gemeente Baarle – Nassau is voornemens de ONTWERP-omgevingsvergunning binnen een aantal (2) weken te verlenen.
De buurt is middels een informatie bulletin door Theeuwes na de carnaval geïnformeerd.

• Doorverwezen brief: Gloria UC (M&M)
-Vraag in de vorige raad was: Graag toelichting wethouder proces? Status Accommodatie beleid? Zoals met de hockey, niet weer zelfde zwarte gat in? Of is, met de kennis van nu en dit verzoek, niet beter en alsnog goedkoper, dat we voor 700.000,- de 2 velden bij gloria op bestaande gronden van kunstgras voorzien? Infra aanwezig, geen bos weg, geen bestemmingsplan, 2 verenigingen blij i.p.v. 1? Hoe verhoudt het verzoek van Gloria zich t.o.v. de structurele kostenverhoging en het hele verhaal over een onderhoudsplanning die de wethouder ons eerder heeft medegedeeld i.v.m. de flinke kostenstijging bij onderhoud velden in de begroting? (VPB)
De aanleg van 2 kunstgrasvelden bij Gloria UC is onderzocht in de eerdere locatiestudie. Voor de realisatie van het hockeyveld zijn de locaties bekeken en afgewogen. De gemeenteraad heeft een voorkeurslocatie vastgesteld en dat werken we momenteel verder uit.
Het onderhoud in BN is fors overschreden in 2019, dit alles heeft te maken dat er nooit is geïnvesteerd in extra maatregelen / onderhoud, kortom achterstallig onderhoud.
Er wordt een beheerplan opgesteld, dit loopt wat achter op de planning, maar is medio dit jaar gereed. Hieruit zal naar voren komen dat er behoorlijk geïnvesteerd moet gaan worden, bijna alles is versleten, veld verlichting, drainages, beregening, ballenvangers, hekwerken en ga zo maar door! In 2020 zal wederom een overschrijding te verwachten zijn.

• Memo Voortgangsrapportage 2 Hockeyveld
-In het licht van de ontvangen schriftelijke inspraak reactie van dhr. Pooye, maar ook van enkele anderen die wij tussen december en nu gesproken hebben: Wij vinden het zeker bijzonder dat het voorontwerp reeds is gepubliceerd maar de gemeente zelf niet heeft gehandeld in het licht van haar eigen beleidsnota “Omgevingsdialoog bij ruimtelijke plannen” dat sept 2019 in onze raad is vastgesteld. Hoe komt dit?
Voor de goede orde verwijzen wij naar een citaat uit dit vastgestelde beleidsdocument:
Een omgevingsdialoog: wat is dat?
Een omgevingsdialoog is een gesprek tussen een initiatiefnemer van een ruimtelijk ontwikkelingsproject en personen die in de directe omgeving wonen of werken. Het gesprek is er
specifiek op gericht om in een vroeg stadium (nog voordat het concrete plan voor het project
vastligt) kennis te nemen van eventuele bezwaren, wensen en belangen van omwonenden en
naastgelegen ondernemers, zodat die bij de uitwerking van het plan kunnen worden betrokken.
Doel van het gesprek is niet om ‘overeenstemming’ over het plan te verkrijgen.
Aanleiding voor het starten van een (omgevings)dialoog is het moment dat een initiatiefnemer
een ruimtelijk ontwikkelingsproject wil uitvoeren dat niet past in het geldende bestemmingsplan”
De gemeente heeft zichzelf in deze nota vrijgesteld
De verplichting voor het voeren van een omgevingsdialoog geldt niet voor ruimtelijke plannen en
-besluiten die ambtshalve / van gemeentewege worden voorbereid. Reden hiervoor is dat we,
voor zover de ruimtelijke plannen en –besluiten überhaupt een ruimtelijk ontwikkelingsproject
mogelijk zouden maken, dan een separaat burgerparticipatietraject starten dat exact aansluit bij
de aard en omvang van het ruimtelijk ontwikkelingsproject. Zo kan beter worden aangesloten bij de omstandigheden van het geval
Hier beschrijft de gemeente dat zij zelf een burgerparticipatie traject op maat voor afwijkende plannen zal opzetten. Wij gaan ervan uit dat dan minimaal voldoet aan de eisen die aan burgers/ondernemers worden gesteld. De zin van vrijstelling suggereert namelijk dat de gemeente zelf zeker een beter/uitgebreider traject zal lopen van burgerparticipatie. Eerder schrijft de gemeente ook dat een omgevingsdialoog gewoon goed fatsoen is.
Gezien het gegeven dat e.e.a. nu al gepubliceerd is zonder een vorm van omgevingsdialoog of burgerparticipatie zoals de notie suggereert. Met het gegeven dat we nu helaas leven in een crisis-tijd van Corona. -Hoe gaat u vormgeven aan onze eigen doelstellingen van burgerparticipatie/omgevingsdialoog? -Overweegt u hierbij bijvoorbeeld eventueel een verlenging van de periode en dat deze tijd dan wordt aangegrepen om alsnog een vorm van omgevingsdialoog te doen? We denken aanschrijving van bewoners te doen en bijvoorbeeld een artikel in ons weekblad en de website, waarin u inwoners en belangenverenigingen oproept kennis te nemen van het plan en u bereidt bent alle vragen te beantwoorden en zorgen te bespreken? (VPB)
Een tweede vraag die bij ons leeft en ook van anderen in onze omgeving: Is er al meer duidelijkheid over de locatie van natuurcompensatie? Moet deze plaatsvinden in of aansluitend aan het huidige NNB-gebied? De rapportage die wij hebben ingezien, deed ons schrikken van de werkelijke omvang. Die is toch, zeker met de lichtvervuiling erbij, zeer groot. Graag vernemen wij van de wethouder een reactie? (VPB)
De gemeente Baarle-Nassau kiest bewust voor een voorontwerp bestemmingsplan. Dat is dus een eerste aanzet voordat er een ontwerp bestemmingsplan in procedure gaat. Deze optie van voorontwerp is ter vervanging van de omgevingsdialoog. Wij kiezen er juist voor om een voorontwerp te doen in plaats van vooraf een omgevingsdialoog, om op deze manier een zo breed mogelijk publiek digitaal te bereiken (ook via weekblad en website kenbaar gemaakt).
Op basis van de diverse reacties bepalen we de vervolgstrategie voor het ontwerp bestemmingsplan. Daarbij willen we zeker in gesprek met mensen als daar behoefte aan is. Daar is zeker ruimte voor in het proces van voorontwerp naar ontwerp bestemmingsplan. We gaan intern bekijken hoe we dit nu oppakken vanwege de bijzondere omstandigheden rondom het corona-virus.
Op basis van de diverse reacties bepalen we de vervolgstrategie voor het ontwerp bestemmingsplan. Daarbij gaan we zeker in gesprek met mensen, bijvoorbeeld in de vorm van een bijeenkomst met geïnteresseerde inwoners/omwonenden. Daar is zeker ruimte voor in het proces van voorontwerp naar ontwerp bestemmingsplan. We gaan intern bekijken hoe we dit nu oppakken vanwege de bijzondere omstandigheden rondom het corona-virus.
De natuurcompensatie is één van de onderwerpen die we in het proces van voorontwerp naar ontwerp bestemmingsplan bespreken met de provincie in het kader van het NNB-gebied. De provincie reageert op officiële stukken en dat is dus een voorontwerp bestemmingsplan. We verwachten binnenkort de reactie van de provincie. Samen met de overige reacties bepalen we het vervolg.
NB om de lichtvervuiling te minimaliseren nemen we maatregelen aan de verlichting/armaturen. Het effect op het bos is minimaal en dit bos kan gewoon blijven staan.

Algemene rondvragen
-Geachte college, De VPB is op de hoogte gesteld van de mogelijkheid voor gemeenten om tussen 20 maart en 20 mei deel te nemen aan de samenaankoop biologische bloembollen van Velt. Velt en Natural Bulbs stelden handige pakketten biobloembollen samen op maat van de openbare ruimte. De aangeboden bloembollen zijn biologisch, winterhard en leunen zo dicht mogelijk aan bij de wilde vorm. Indien de gemeente meedoet met de samenaankoop, dan geniet ze van 20% korting. Zie voor meer informatie: https://velt.nu/biobolgemeente Is de gemeente bereid om als bijvriendelijke gemeente hierin te participeren? (VPB)
We nemen geen deel aan de gezamenlijke aankoop van Bloembollen. We bekijken per project of er bloembollen toegepast kunnen worden, waarbij ook gekeken wordt of de gekozen bloembolsoorten voldoen en bijdragen aan de beleidsdoelstellingen ten aanzien van bijvriendelijk beheer en biodiversiteit.  Tegenwoordig kijken we ook nog of bollen gecombineerd kunnen worden met bloemrijk kruidengras.

-Geachte college, De VPB heeft in Ons Weekblad van donderdag 27 februari 2020 kennisgenomen van het feit dat het college besloten heeft dat voor een nieuwe activiteit aan de Hoogeind 4 en 6 geen milieueffectrapportage opgesteld hoeft te worden. Het betreft hier mede een uitbreiding van een varkenshouderij. Kan het college uitleggen hoe zij tot deze beslissing is gekomen voor een gebied waarbij gesteld kan worden dat deze al overbelast is qua geur en uitstoot en waarbij de bedrijfsvoering inmiddels zo precair is dat een weg die er langsloopt recentelijk nog aan de openbaarheid onttrokken moest worden? Zeker gezien het feit dat effecten van luchtwassers eerder overschat zijn en met uitbreidingen, het gehele geurbelasting opnieuw dient te worden bezien? (zie uw eigene eerdere memo) (VPB)
In 2017 is er een ontwerpbesluit gepubliceerd waartegen zienswijzen zijn ingediend.
Als gevolg van de opeenvolging van gewijzigde regelgeving (werking combiwassers, verordening ruimte zoals staldering, etc) is de aanvrager Bervoets vrij intensief in overleg geweest met betrokkenen, met als resultaat een aangepaste aanvraag Omgevingsvergunning. De aanvraag is zeer uitgebreid door de OMWB beoordeeld, daar deze ontwikkeling substantieel moet bijdragen aan een lagere milieubelasting qua geur, gezien de lokale omstandigheden. Ook de milieubelasting qua stof en ammoniak nemen af.
In verband met wijziging in de wet en regelgeving is de ontwikkeling ook beoordeeld in het kader van het Besluit m.e.r.
Het herbouwen van bestaande stallen op Hoogeind 4 en het verlengen van bestaande stallen op Hoogeind 6 is per saldo van dusdanige omvang dat er geen Milieueffectrapportage behoeft te worden uitgewerkt daar de bijdrage aan de totale milieubelasting verder afneemt.
Gezien het aantal aanpassingen is een 2e ontwerpbeschikking in voorbereiding.
Een ander essentieel punt voor de omwonenden is het onttrekken van de weg tussen Hoogeind 4 en 6 aan de openbaarheid. Hiertoe heeft de Raad besloten in december 2019.
Onlangs is de aanlegvergunning verleend voor de aanleg van nieuwe weg door Bervoets, incl. de maatregelen om het Hoogeind tussen 4 en 6 af te sluiten.

-Geacht college, Wat wordt er nu al gedaan om de overlast van eikenprocessierupsen en buxusmotten tegen te gaan? Gezien ook de eerder aangenomen motie om dit vanaf 2020 zoveel mogelijk ook in te zetten vanuit natuurlijke bestrijdingsmethoden? In Alphen-Chaam hebben natuurverenigingen nestkastjes voor koolmezen opgehangen – naar wij menen samen met de gemeente – daar is het nu wel de tijd voor. Hoever staat het met initiatieven hieromtrent want volgens ons was daar sprake van? Niet dat we straks te laat zijn. (VPB)
Alle kaarten met daarop de preventief te spuiten locaties zijn geëvalueerd en aangepast. Zodra de bomen in blad komen zal er gestart worden met preventief spuiten. De regeling Natuur in het Dorp staat open voor bewoners. Hier kunnen ze initiatieven indienen voor nestkasten en beplanting. Het is op dit moment nog niet duidelijk hoeveel initiatieven er binnen zijn gekomen. Maar zodra dat duidelijk is zullen wij dat laten weten. In Baarle-Nassau worden er dit jaar nog enkele locaties zo ingericht dat de natuurlijke vijanden van eikenprocessierups zich beter thuis voelen. We overleggen met vrijwilligers of er nog zo snel mogelijk nestkastjes kunnen worden opgehangen op locaties waar voldoende voedsel is voor mezen.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *